Overzicht

Musical van Vlaanderen; concrete plannen
Musical van Vlaanderen: de programmalijnen
Musical van Vlaanderen: de artistieke visie
Musical van Vlaanderen
Een legendarisch begin...
'De gouden periode'
De Vlaamse musicalboom...een valse viktorie!
'De magere periode'
'Wissel op de toekomst'
Anno 2008

Musical van Vlaanderen; concrete plannen

Musical van Vlaanderen krijgt de komende drie jaar subsidies van de Vlaamse overheid en daarmee is de opvolger van de musicalafdeling van het Koninklijk Ballet van Vlaanderen een feit. Het productiehuis stelt zelf zijn concrete plannen voor:

Geert Allaert (Music Hall Group) is intendant van de vzw Musical Van Vlaanderen. Auteur en regisseur Frank Van Laecke is artistiek adviseur van Musical Van Vlaanderen. Acteur, auteur en regisseur Stany Crets is eveneens artistiek adviseur. Van Laecke en Crets adviseren de intendant in alle creaties en productionele aangelegenheden.

Programmering

Notre Dame de Paris, naar het verhaal van de Franse schrijver Victor Hugo, is de eerste topproductie van Musical Van Vlaanderen in 2010. De musical, ging in première in Parijs in 1998. Notre Dame de Paris is gebaseerd op het boek De klokkenluider van de Notre-Dame van Victor Hugo. De musical reisde de wereld rond en was internationaal een megasucces, te danken aan de muziek gecomponeerd door Richard Cocciante en de teksten geschreven door Luc Plamondon. In de Vlaamse versie in Stadsschouwburg Antwerpen en Capitole Gent zullen de Vlaamse pop-en televisiesterren Sandrine Van Handenhoven en Gene Thomas de hoofdrollen vertolken van Esmeralda en Quasimodo. De première vindt plaats op 4 april 2010 in Antwerpen.

Op het programma staan verder nog Dans der Vampieren en La Bohème gepland voor 2010 en Spamalot, een productie voor 2011. Dans der Vampieren is een musical gebaseerd op de film van Roman Polanski. De musical ging voor het eerst op 4 oktober 1997 in première en heeft sindsdien vrijwel onafgebroken in een aantal Oostenrijkse, Duitse en Oost-Europese steden gespeeld. In Vlaanderen zal de hoofdrol gedragen worden door Hans Peter Janssens, die al enkele jaren furore maakt als musicalacteur in Londen. Ook topartiesten Marc Lauwrys, Frank Hoelen, Lulu Aertgeerts, Goele Deraedt en de jonge belofte Anne Van Opstal zijn gekozen voor een hoofdrol te vertolken in de musical.

La Bohème is een opdracht voor Frank Van Laecke. Van de partituur van Puccini een musical maken klinkt misschien op het eerste gezicht absurd. Niks is echter minder waar. Vele hedendaagse musicalcomponisten zijn de mosterd immers bij de grootmeester zelf gaan halen. Daarom stelde Frank Van Laecke aan Geert Allaert voor om het libretto van La Bohème te vertalen naar het Engels (de voertaal van alle grote musicals) en de originele partituur te orkestreren met de subtiele ingrediënten van de musical van vandaag. Puccini is een sterk verteller. Zijn partituren zijn meeslepend en ontroeren als geen ander. Deze kracht wil Frank Van Laecke absoluut behouden. La Bohème, de musical is een bijzonder toegankelijk en transparant concept dat de link tussen Puccini en de hedendaagse musical blootlegt. Deze a-typische arenamusical zal in wereldpremière gaan in Vorst Nationaal.

Spamalot is een komische musical, gebaseerd op de film ‘Monty Python and the Holy Grail’ (1975). Net als de film is het verhaal een onbelangrijke parodie op de legende van Arthur, maar vele andere aspecten verschillen van de film, vooral door toegevoegde Broadway - parodieën. Eric Idle, één van de zes Monty Python-leden, schreef het libretto en de liederen, en werkte met John Du Prez aan de muziek. De première was op 17 maart 2005, onder regie van Mike Nichols. De musical won een Tony Award voor Beste Musical van het seizoen 2004–2005.

Musical van Vlaanderen: de programmalijnen

Musical van Vlaanderen krijgt de komende drie jaar subsidies van de Vlaamse overheid en daarmee is de opvolger van de musicalafdeling van het Koninklijk Ballet van Vlaanderen een feit. Het productiehuis stelt zelf zijn programmalijnen voor:

Programmalijn 1
De Klassiekers van morgen

Musical van Vlaanderen wil musicals naar Vlaanderen brengen die over een aantal jaren beschouwd zullen worden als echte musicalklassiekers. In het verleden hebben de mensen achter deze vzw dat reeds gedaan met musicals als Les Misérables, Cats en the Phantom of the Opera. In de toekomst staan musicals zoals Notre-Dame de Paris op het programma: ijzersterke musicals die hun triomftocht door Europa pas begonnen zijn en in de toekomst gegarandeerd de hele wereld zullen veroveren dankzij hun kwaliteit.


Programmalijn 2
Musicals gebaseerd op het grote culturele erfgoed of belangrijke historische figuren

Musical van Vlaanderen wil ook musicals brengen die gebaseerd zijn op sterke romans (Victor Hugo’s Notre-Dame de Paris) of een link hebben met het grote cultuurpatrimonium zoals Dans der Vampieren over de eeuwenoude mythische vampieren. Daarnaast staan ook musicals op het programma over de levens van bekende en belangrijke historische figuren zoals de eerste musical van Musical van Vlaanderen: Elisabeth. Via deze musicals krijgt het publiek de kans bepaalde historische figuren, een stukje geschiedenis en een aantal belangrijke romans beter te leren kennen.


Programmalijn 3
Musical meets opera: oude meesters respectvol vertalen naar vandaag

Musical is de opera van vandaag. Dat wil daarom niet zeggen dat de belangrijke opera’s uit het grote operarepertoire verloren gaan voor het grote publiek. Musical van Vlaanderen erkent de kwaliteit en universele thematiek van vele opera’s en besloot een programmalijn uit te werken die draait rond de meest geliefde opera’s uit het grote operarepertoire. In 2010 komt reeds een eigen musicalversie van Puccini’s La Bohème op de planken. Musical van Vlaanderen is reeds meerdere titels aan het onderzoeken om in de toekomst op een gelijkaardige manier te bewerken. Via het musicalgenre komt het publiek in contact met een ander muziektheatergenre en een belangrijk stukje cultuurerfgoed: de opera.


Programmalijn 4
De zelfrelativerende en zichzelf parodiërende musicalcomedy: humor met kwinkslag naar eigen genre

Musical is als genre volwassen genoeg om zichzelf te relativeren en te reflecteren over de eigen tradities. De laatste jaren zijn enkele schitterende musicals op de planken gebracht die enerzijds ijzersterke comedy brengen en tegelijkertijd het musicalgenre een spiegel voorhouden. De kaskraker The Producers van Mel Brooks en de controversiële musical Jerry Springer, the Opera zijn daar mooie voorbeelden van. In het kader van deze programmalijn zal Musical van Vlaanderen in 2011 de musicalcomedy Spamalot aan het Vlaamse publiek tonen. Musical van Vlaanderen vindt het belangrijk blijvend na te denken over de geschiedenis en verdere ontwikkeling van het genre en programmeert musicals die het publiek een stukje zelfrelativering meegeven. Musical van Vlaanderen wil immers muziektheater zonder pretentie brengen.


Programmalijn 5
Ontwikkelen Vlaamse musicaltraditie door experiment en innovatie

Musical van Vlaanderen wil in de toekomst niet alleen grote producties brengen maar wil ook investeren in de verdere ontwikkeling van het musicalgenre. Een nieuwe generatie podiumkunstenaars, designers, schrijvers en componisten moet de kans krijgen haar eigen ‘ei’ te leggen. Innovatie en experiment zijn de twee kernwoorden die bij deze kleinere, risicovolle musicalproducties aan de orde zijn. De mogelijkheden zijn groot: innovatie in technische middelen, experiment in het gebruik van muziek, spelen met acteerstijlen, kortom alle theatertekens kunnen op een vernieuwende manier aangewend worden. Musical van Vlaanderen staat open voor initiatieven van theatermakers maar zal zelf ook opdrachten geven waarbij de makers voor een stuk ‘carte blanche’ krijgen. Voor 2010 plant Musical van Vlaanderen de one-woman musical Tell me on a Sunday van A.L. Webber. Hierbij geeft het de kans aan regisseur Frank Van Laecke en musicalperformer Deborah De Ridder om hun eigen artistieke ding te doen.

Musical van Vlaanderen: de artistieke visie

Musical van Vlaanderen krijgt de komende drie jaar subsidies van de Vlaamse overheid en daarmee is de opvolger van de musicalafdeling van het Koninklijk Ballet van Vlaanderen een feit. Het productiehuis stelt zelf zijn artistieke visie voor:


De artistieke visie van Musical van Vlaanderen is opgebouwd rond vier pijlers die telkens terugkomen in de musicals die nu en in de toekomst geprogrammeerd zullen worden. Samen met vijf uitgewerkte programmalijnen vormen ze een stevige en inhoudelijk sterke basis die Musical van Vlaanderen in staat zal stellen het musicalgenre in Vlaanderen verder te ontwikkelen.

Pijler 1
Toegankelijk voor iedereen: belevenis én beleving

Musical van Vlaanderen wil musicals brengen met respect voor de roots van musical in laagdrempelige entertainmentvormen (zoals burlesque, minstrel show, vaudeville en revue) en wil een zo groot en gevarieerd mogelijk publiek bereiken. Het musicalgenre is in bijna een eeuw tijd geëvolueerd van louter amusement tot een muziektheatervorm met inhoud en betekenis zonder de entertainmentfactor te verliezen. Dankzij het feit dat het genre dicht staat bij de leef- en belevingswereld van de mens in de 21e eeuw, wordt de betekenis automatisch meegevoerd met het toegankelijke musicalgenre als drager. Musical van Vlaanderen kiest voor entertainment mét inhoud en diepgang.

Pijler 2
Cross-over Vlaamse podiumkunstenaars: Vlaamse ambacht, creativiteit en artistieke integriteit

Musical van Vlaanderen wil een nieuwe generatie Vlaamse podiumkunstenaars en designers de gelegenheid bieden zichzelf artistiek en ambachtelijk te ontplooien. De musicalproducties zullen vele acteurs, zangers, dansers, muzikanten, regisseurs, ontwerpers, enz. enerzijds de kans geven ervaring op te doen in grote professionele producties van hoge kwaliteit en anderzijds de mogelijkheid bieden hun eigen artistieke persoonlijkheid te ontwikkelen in kleinere vooruitstrevende en experimentele producties. Afgestudeerden van de Vlaamse theaterscholen en conservatoria zullen in Musical van Vlaanderen een partner vinden op weg naar de groei van hun kunstenaarschap. Musical van Vlaanderen wil cross-overs tussen de verschillende kunsten aanmoedigen in de eigen musicalproducties en streven naar een wederzijdse bevruchting en inspiratie van de verschillende kunsten. Musical van Vlaanderen draagt daarnaast artistieke integriteit hoog in het vaandel.

Pijler 3
Gevarieerde programmering met zwaartepunt bij de continentaal Europese musical

Musical van Vlaanderen streeft ernaar een zeer gevarieerde programmering uit te werken met een nadruk op musicals uit niet-Angelsaksische landen. Musical is ontstaan in Amerika en tot op vandaag zijn Broadway en West End dé grote centra voor musicals. Sinds geruime tijd worden ook in continentaal Europese landen zeer interessante musicals opgezet. Het succes van Les Misérables en Romeo & Julia bijvoorbeeld bewijst dat het Vlaamse publiek open staat voor de Europese musical. Daarnaast wil Musical van Vlaanderen aan talentvolle Vlaamse schrijvers de mogelijkheid geven om nieuwe, Vlaamse musicals te creëren. Musical van Vlaanderen beoogt een grote variatie in genres: de dramamusical, de intieme musical, musicalcomedy, enz.. Daarnaast wil Musical van Vlaanderen nieuwe subgenres een kans geven zich te ontwikkelen. In de programmering is er plaats voor experiment en innovatie. Kunstenaars krijgen de kans hun eigen ding te doen: een risicovolle investering in de ontwikkeling van de Vlaamse musical én een perfect tegenwicht voor de ‘kloonmusicals’ die artistiek risicoloos zijn omdat op voorhand de kwaliteiten van die musical reeds bewezen zijn.

Pijler 4
Aandacht voor dramaturgie & educatie: elke musical verwijst naar een stukje
cultuurpatrimonium

De musicals die geprogrammeerd worden, zijn stuk voor stuk musicals met een rijke achtergrond en een boeiende thematiek. Musical van Vlaanderen vindt het belangrijk om bij elke musical ook een plaats te geven aan dramaturgisch onderzoek en een dramaturgische onderbouw. Daardoor zal het eindresultaat gefundeerd en doorleefd zijn en de toeschouwers zullen in de programmabrochure omkaderende teksten kunnen lezen die een inhoudelijk licht op de voorstelling werpen en de blik van de toeschouwer verruimen. Naast de educatieve pakketten voor het onderwijs, plant Musical van Vlaanderen ook een reeks randactiviteiten die elke musical kaderen in een breder cultureel perspectief en de kans bieden aan alle geïnteresseerden om zich te informeren over alle facetten van de musical. Deze activiteiten worden gestroomlijnd door de huisdramaturg, die tevens instaat voor het bewaken van de kwaliteit van de voorstellingen en het waarmaken van artistieke visie van Musical van Vlaanderen.

De vier pijlers van de artistieke visie laten zich eveneens vertalen in vijf verschillende programmalijnen die Musical van Vlaanderen gekozen heeft om haar artistieke visie waar te maken. Musical heeft verschillende gezichten en Musical van Vlaanderen wil er meerdere van verkennen en tonen aan het Vlaamse publiek.

Musical van Vlaanderen

Musical van Vlaanderen krijgt de komende drie jaar subsidies van de Vlaamse overheid en daarmee is de opvolger van de musicalafdeling van het Koninklijk Ballet van Vlaanderen een feit. Vanaf 1 januari 2010 krijgt Musical van Vlaanderen subsidies en de eerste productie wordt Notre Dame de Paris. Het productiehuis stelt zichzelf voor:

Musical van Vlaanderen wil een volwaardig productiehuis zijn voor musicals in Vlaanderen, met als doel eigen musicals te produceren met Vlaams talent, daar waar mogelijk. Die Vlaamse producties moeten zonder problemen de toets met het buitenland kunnen doorstaan op artistiek en productioneel vlak.

Musical van Vlaanderen diende vorig jaar een lijvig dossier in bij de Vlaamse regering met het oog op het verwerven van subsidies. Na uitgebreid onderzoek door de bevoegde beoordelingscommissie, besliste de Vlaamse regering op 24 april 2009 om Musical van Vlaanderen vzw een structurele subsidie toe te kennen. Sinds de sluiting van de musicalafdeling van Ballet van Vlaanderen bleef de sector immers financieel in de kou staan en werd musical zelfs hier en daar bestempeld als een minderwaardige kunstvorm.

In combinatie met private middelen wil Musical Van Vlaanderen haar ambitie te realiseren. Zo komt de topproductie Notre Dame de Paris tot stand dankzij de financiële steun van de Live Entertainment Foundation, een Stichting van Openbaar Nut die als doel heeft om zo veel mogelijk mensen de kans te geven te participeren in cultuur. De Stichting biedt minderbedeelde kinderen en volwassenen de mogelijkheid om een productie van eigen bodem in volle glorie te beleven. Bovendien zorgt de Live Entertainment Foundation er ook voor dat lokaal theatertalent – gaande van acteur tot technieker – zich ten volle kan ontplooien binnen een professioneel kader. De Live Entertainment Foundation kan deze doelstellingen realiseren dankzij de financiële en morele steun van haar partner-bedrijven.

Musical van Vlaanderen is de erfopvolger van de vzw Geert Allaert Theaterproducties. Dankzij jaren ervaring in het produceren van grote musicals, kan de vzw buigen over een grote competentie en knowhow op het vlak van productie en promotie van musicals. De mensen achter deze vzw volgen het internationale musicallandschap al jaren op de voet en kennen het repertoire en de castmogelijkheden door en door.

Musical van Vlaanderen wil enerzijds het Vlaamse theaterpubliek interessante en volwaardige musicals bieden en anderzijds zorgen voor meer tewerkstellingsmogelijkheden in de podiumkunstensector. Het gaat dan niet alleen om acteurs en dansers, die door specifieke castingvereisten niet altijd gevonden worden onder de Vlaamse mensen. Ook theatertechnici, kleedsters, make-upartiesten, muzikanten en zaalpersoneel zijn bij een musical betrokken.

Daarnaast streeft Musical van Vlaanderen ernaar drempelverlagend te werken ten opzichte van bevolkingsgroepen die weinig in cultuur participeren (in samenwerking met Fonds Cultuurparticipatie voor mensen die in armoede leven, OCMW’s en de Nationale Loterij).

Als gesubsidieerde vzw vindt Musical van Vlaanderen het haar taak om haar werking uit te breiden met educatieve projecten en omkaderende activiteiten die de producties binnen een breder cultureel en maatschappelijk perspectief plaatsen.

De return voor de overheid kan als volgt samengevat worden:
--creatie van Vlaamse tewerkstelling in een belaagde sector en dit zowel direct als indirect: drie producties samen zijn goed voor een directe tewerkstelling van circa 250 personen op jaarbasis (artiesten, technici, catering, ticket sales, marketing, enz.)
--exploitatie van het in Vlaanderen aanwezige creatieve talent
--ondersteunen van de internationale uitstraling van Vlaanderen
democratisering van het theaterbezoek: musical is de nieuwe opera voor het brede publiek en werkt drempelverlagend
--verhoging van het proces van cultuurparticipatie bij kansarmen, senioren en moeilijk bereikbare cultuurconsumenten;
--educatieve meerwaarde doorheen schoolvoorstellingen, ontwikkeling van lesmateriaal, interactieve voorstellingen,…
--de financiële return voor de overheid: niet alleen de return direct op de musicalprojecten maar ook de indirecte return (horeca, belastingen allerlei, enz.)

Een legendarisch begin...

Als algemeen beginpunt voor de Vlaamse musical wordt het beruchte en zelfs legendarische Theater Arena in Gent tijdens de jaren ’70 als ijkpunt aangenomen.

Uit de as van het ter ziele gegane Theater Arena ontstond in 1985 de musicalafdeling van het Koninklijk Ballet van Vlaanderen met als artistiek directeur een van de spilfiguren van Theater Arena: Linda Lepomme. In de beginjaren van deze musicalafdeling werden vooral de grote repertoirestukken gespeeld zoals ‘My Fair Lady’, ‘Jezus Christ Superstar’, ‘Evita’, ‘Hello Dolly’, ‘A Fiddler on the Roof’, enz. Het was bij deze musicalafdeling en in deze periode dat heel was mensen, zoals Frank van Laecke en Hans Peter Janssens, hun eerste stappen zetten in de Vlaamse musicalwereld.

'De gouden periode'

Eind jaren ’90 echter besloot het jonge, maar van ambitie brandende Music Hall, om grote internationale succesmusicals naar Vlaanderen te halen. In ’96 bracht Music Hall, in samenwerking met Joop van den Ende, zijn eerste grote musicalproductie naar Vlaanderen nl. ‘Cats’. Met 170.000 bezoekers werd een absoluut record gebroken. Na dit succes werd een nieuwe blockbuster gebracht: ‘Les Misérables’ en wederom met succes! De kaap van 350.000 bezoekers werd vlotjes gerond en daarmee vestigde ‘Les Misérables’, liefkozend ‘Les Mis’ genoemd, in Vlaanderen een absoluut record! Ook op artistiek gebied was 'Les Mis' in Vlaanderen een beklijvend succes.

Na ‘Les Misérables’ was het in 1999 tijd voor de succesmusical bij uitstek: ‘The Pantom of the Opera’. Maar het musicalsprookje bleef voor Music Hall helaas niet duren. ‘The Phantom of the Opera’, met een grotendeels buitenlandse cast, werd een flop en moest vervroegd de deuren sluiten. Amper 250.000 bezoekers, heel wat minder dan Les Misérables, kochten een ticket voor de voorstelling en daarmee bleef de voorstelling zwaar onder de verwachte 500.000 tot 600.000 bezoekers. Music Hall stond dan ook aan de rand van het faillisement, maar kon alsnog de meubelen redden. ‘De gouden periode’ was hiermee voor zowel Music Hall als de Vlaamse musical in het algemeen definitief afgelopen.

In het kielzog van de grote musicalproducties van Music Hall, kwamen Studio 100 en VTM ondertussen op het idee om elk jaar rond de paasvakantie een familiemusical uit te brengen. ‘Sneeuwitje’ was de eerste productie, met het legendarische kusincident van Sanne. Later volgden nog titels als ‘Assepoester’, ‘Pinnokio’, ‘Doornroosje’, ‘De 3 Biggetjes’ enz.

De Vlaamse musicalboom...een valse viktorie!

In 2001 boomde de Vlaamse Musical. Maar liefst 5 grote musicals streden om de zalen vol te krijgen: ‘Kuifje – De Zonnetempel’, ‘Ben’, ‘Camelot’, ‘De Préhistorie van de Musical’ en ‘Robin Hood'.

Enkel ‘Kuifje – De Zonnetempel’, een coproductie tussen Tabas&Co en Moulinsart, slaagde met meer dan 150.000 bezoekers hierin. En bovendien werd met 'Kuifje - De Zonnetempel' een Vlaamse musical gecreëerd met een internationale uitstraling! Tabas&Co zag echter wel zijn internationale reisplannen met deze musical, die nodig waren om het geïnvesteerde geld terug te verdienen, gestuit op technische, financiële en organisatorische moeilijkheden.

‘Camelot’ (Music Hall), ‘De Préhistorie van de Musical’ (KbvV) en ‘Robin Hood ‘(Studio 100) kenden een matig succes. Al was 'Robin Hood voor Studio 100 op artistiek vlak zeker een meer dan geslaagde productie. De musical ‘Ben’ had echter een dramatisch einde en eindigde met een faillisement.

Door een beslissing van cultuurminister Paul van Grembergen verloor de musicalafdeling van het Koninklijk Ballet van Vlaanderen haar subsidies. Na het wegvallen van deze musicalfadeling in 2003 en de financiële problemen van Music Hall was er maar weinig continuiteit in de Vlaamse Musicalwereld.

Studio 100 was de enige producent die zich met kwaliteitsvolle familiemusicals bleef bezighouden. De poging van dit productiehuis op de markt van de volwassen musical met ‘Bloedbroeders’ werd een financiële opdoffer. De Vlaamse musicalboom werd dus een financiële ramp voor zowat alle Vlaamse producenten.

'De magere periode'

Music Hall deed nog tevergeefs een poging met ‘Romeo en Julia – van haat tot liefde’, van de bekende franse chansonier Gérard Presgurvic, om terug een grote musical in Vlaanderen te brengen. Maar ook deze productie werd zowel financiëel als artistiek geen succes. In tegenstelling tot de andere grote musicals die we gewoon zijn in Vlaanderen, was dit een productie uit een duidelijk andere traditie als de Angelsaksische musicalcultuur. Music Hall NV ging failliet. Maar de iets stabielere Music Hall Group, waartoe o.a. Stadsschouwburg Antwerpen, Capitole Gent & Music Hall Promotions behoren, bleef wel overeind.

Via allerlei omwegen, en met de steun van een speciaal fonds, kon ‘Geert Allaert Theaterproducties’ het meesterwerk van Karel Svoboda: ‘Dracula’ in 2006 naar Antwerpen halen. Hiermee werd eindelijk nog eens een grote musical vertoond in Vlaanderen, maar de productie moest het stellen met zeer schaarse middelen. Toch werd het, gezien de schaarse middelen, artistiek een productie op niveau.

Ook Studio 100 leek op de terugweg met zijn familiemusicals. De grote samenwerking met VTM werd opgezegd en ondanks het succes van ‘Doornroosje’ in 2002, daalde de publieke belangstelling. Ook artistiek leek Studio 100 over zijn hoogtepunt van ‘Robin Hood’ en ‘Doornroosje’ heen.

'Wissel op de toekomst'

De Vlaamse musical leek in slaap gewiegd tot plots Joop van den Ende en zijn Stage Entertainment in 2006 Vlaanderen kwamen binnengewaaid met ‘Mamma Mia!’. De productie werd met 150.000 bezoekers een succes. Het was al van 2001 geleden dat een musical nog zoveel kijklustigen kon trekken. De productie werd gekenmerkt door de kwaliteit die we van van den Ende gewoon zijn: een productie op niveau! Voor een international als Stage Entertainment is de Vlaamse markt, als deel van een groter Europees geheel, blijkbaar wel een interessant gegeven. Voor louter Vlaamse producenten blijkt Vlaanderen dus te klein voor het produceren van grote musicals.

Meteen na het succes van ‘Mamma Mia!’ stond de opvolger al klaar nl. ‘Beauty and the Beast’, die in het voorjaar van 2007 de Antwerspe Stadsschouwburg bestormde nadat Peter Pan en kapitein Haak waren uitgezongen.

Anno 2008

In de zomer van 2007 beleefde de grootste Vlaamse musicalcreatie ooit, 'Kuifje - De Zonnetempel', haar come-back in het Rotterdamse Nieuwe Luxor Theater, waar er ook een speelperiode volgde in het vernieuwde Kursaal Oostende. Helaas werd het Nederlandse avontuur van Kuifje geen groot succes en lokte de musical pas in zijn laatste week in Oostende volle zalen. In oktober maakte de voorstelling ook nog een uitstapje naar Antwerpen waar de show geplaagd werd door technische problemen en lage bezoekersaantallen.

Na Kuifje stonden Suske & Wiske klaar voor hun theatervoorstelling in 2007. Dit jaar komt er tevens een musical rond de avonturen van dit bekende duo. Ook een Vlaamse versie van Grease was in 2007-2008 succesvol in enkele Vlaamse schouwburgen te zien.

Studio 100 is sinds 2007 volop bezig met de voorbereidingen van hun prestigeproject: 'Daens - de musical', die op 4 oktober 2008 in première gaat. De Vlaamse musical is op zijn eigen manier stillaan aan de wederopstanding begonnen! Hoewel het begrip 'Vlaamse musical' in 2008 al enkele vreemde invullingen kreeg bij producties als Assepoester en Fame waarbij slechts enkele rollen werden vervangen door Vlaamse acteurs of actrices. Gelukkig zal de Vlaamse Annie bespaard blijven van dit fenomeen.

Na de succesproducties Mamma Mia! en Beauty and the Beast, brengt Stage Entertainment in 2008-2009 de musicals Ciske de Rat en Evita naar Vlaanderen, zij het in de versie die ook doorheen Nederlande tourde.

Het succes en de 350.000 bezoekers van 'Les Misérables' lijken nog steeds heel ver weg...

Nieuwsbrief

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief!